CEO fraude is hot – en bestaat al langer dan je denkt

      Reacties uitgeschakeld voor CEO fraude is hot – en bestaat al langer dan je denkt

Het begrip CEO fraude duikt sinds iets meer dan een jaar regelmatig op de pers. De indruk kan ontstaan dat deze vorm van cybercriminaliteit en oplichting nieuw is. Dat is niet het geval. Het verschijnsel komt al jaren voor, ook in Nederland.

 

 

Nederlands bewijs

Bewijs daarvan is ook in Nederland te vinden.  De Rechtbank Oost-Brabant heeft op 30 juli uitspraak gedaan in een zaak waar ceo fraude – zonder dat het zo wordt genoemd – een rol speelt in zes van de zeven tenlasteleggingen. Het vonnis maakt melding van een persoon die:

op zeer planmatige, gewiekste en doortrapte wijze twee bedrijven opgelicht, voor een totaalbedrag van ruim € 560.000,–

De gepleegde fraude bestond uit het achterhalen van de identiteiten van personen en zich in e-mail verkeer voordoen als die personen. Met de fake identiteit werd opdracht gegeven geld over te maken naar onjuiste rekeningen. Daartoe zijn bestaande facturen vervalst door de rekeningnummers te wijzigen. Twee bedrijven zijn hier het slachtoffer van geworden.

Meer aan de hand

Het vonnis beslaat 18 pagina’s. Bij deze fraude speelde dus meer dan alleen wat hier boven als samenvatting wordt weergegeven. Interessant is dat de fraudeur een hele keten van kwetsbaren en familieleden als geldezels heeft geworven en ingezet om de bedrag te door te sluizen, incasseren, witwassen, onzichtbaar maken en dergelijke. Uit het vonnis blijkt trouwens niet dat er geld is omgezet naar cryptomunten. Het spoor van de acties moet dus betrekkelijk makkelijk te volgen zijn geweest.

Celstraf

Bij de straf die de rechtbank oplegt speelt mee dat de dader van deze fraude reeds eerder is veroordeeld voor soortgelijke feiten. Er kan makkelijk over deze zin heen worden gelezen, maar het is een belangrijke. We hebben hier namelijk het bewijs dat CEO fraude al langer bestaat dan 2018. Deze in Nederland actieve dader is veroordeeld tot:

[een] gevangenisstraf voor de duur van 4 jaar met aftrek overeenkomstig artikel 27 Wetboek van Strafrecht waarvan 1 jaar voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren.